Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AS4701

Datum uitspraak2005-02-02
Datum gepubliceerd2005-02-02
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200407544/1
Statusgepubliceerd


Indicatie

Bij besluit van 28 juli 2004, kenmerk 1014444, heeft verweerder aan de gemeente Helmond een vergunning krachtens de Grondwaterwet verleend voor het tijdelijk onttrekken van grondwater ten behoeve van de bouw van een parkeerkelder onder het multifunctioneel centrum "De Veste", bouwblok 9 Brandevoort te Helmond, kadastraal bekend gemeente Helmond, sectie U, nummer 3641.


Uitspraak

200407544/1. Datum uitspraak: 2 februari 2005 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: [appellant], wonend te [woonplaats], gemeente [plaats], en het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant, verweerder. 1.    Procesverloop Bij besluit van 28 juli 2004, kenmerk 1014444, heeft verweerder aan de gemeente Helmond een vergunning krachtens de Grondwaterwet verleend voor het tijdelijk onttrekken van grondwater ten behoeve van de bouw van een parkeerkelder onder het multifunctioneel centrum "De Veste", bouwblok 9 Brandevoort te Helmond, kadastraal bekend gemeente Helmond, sectie U, nummer 3641. Tegen dit besluit heeft appellant bij brief van 9 september 2004, bij de Raad van State ingekomen op 13 september 2004, beroep ingesteld. Bij brief van 14 oktober 2004 heeft verweerder een verweerschrift ingediend. Na afloop van het vooronderzoek zijn nadere stukken ontvangen van appellant en verweerder. Deze zijn aan de andere partijen toegezonden. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 21 december 2004, waar appellant is verschenen. 2.    Overwegingen 2.1.    Hetgeen appellant met zijn beroep kennelijk nastreeft, is bereikt, aangezien verweerder het besluit van 28 juli 2004, kenmerk 1014444, mede naar aanleiding van zijn bezwaren, heeft ingetrokken. Voor het oordeel dat appellant niettemin belang heeft bij de beoordeling van het beroep, bestaat geen grond. 2.2.    Het beroep is niet-ontvankelijk. 2.3.    Verweerder dient op na te melden wijze in de proceskosten te worden veroordeeld. 3.    Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: I.    verklaart het beroep niet-ontvankelijk; II.    veroordeelt het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant in de door appellant in verband met de behandeling van het beroep gemaakte proceskosten tot een bedrag van € 113,25, het bedrag dient door de provincie Noord-Brabant te worden betaald aan appellant. Aldus vastgesteld door mr. J.R. Schaafsma, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R. van Heusden, ambtenaar van Staat. w.g. Schaafsma    w.g. Van Heusden Lid van de enkelvoudige kamer    ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 2 februari 2005 163-433.